Login deelnemers

Nieuws

Groot pact wil trendbreuk in gewasbescherming

Nederlandse boeren en tuinders gebruiken over 10 jaar alleen gewasbeschermingsmiddelen met nagenoeg geen emissie naar het milieu en vrijwel zonder residuen op producten voor voedselconsumptie. Daarbij moeten gewassen beter tegen ziekten en plagen kunnen, waardoor het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen fors omlaag kan.

Dit is de ambitie die het kabinet en een grote hoeveelheid organisaties uit de land- en tuinbouw, de fytopharmacie en natuur- en milieubescherming met elkaar hebben afgesproken in het zogeheten 'Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie Gewasbescherming 2030'. Zij claimen hiermee een trendbreuk in de gewasbescherming te willen bewerkstelligen. Tot en met 2020 wordt hier door het ministerie van Landbouw (LNV) in totaal €12 miljoen voor vrijgemaakt.

Weerbare rassen kweken
Dit geld wordt gestoken in onder meer praktijkonderzoek, monitoring en diverse pilotprojecten in verschillende sectoren en regio's. Om gewassen minder afhankelijk te laten zijn van chemische bescherming moet de huidige technologie en technieken worden doorontwikkeld, meldt LNV in een verklaring. Hiervoor wordt onder meer geïnvesteerd in weerbare rassen door veredeling, innovatieve teeltconcepten en het stimuleren van natuurlijke plaagbestrijders.

Dit mag de concurrentiepositie van de Nederlandse agrarische keten niet schaden, zo is afgesproken. Daarom is er ook aandacht voor een gelijk speelveld binnen en buiten de Europese Unie, benadrukt LNV. Een onderdeel is ook dat de deelnemende partijen gezamenlijk onderschrijven dat een wetenschappelijke beoordeling, uitgevoerd door onafhankelijke instanties, de basis moet zijn voor de toelating van middelen en dat politieke besluitvorming hierin geen plek heeft.

Opgave niet te onderschatten
Innovatie gaat niet vanzelf. Het uitvoeringsprogramma doet een groot beroep op het ondernemerschap en de innovatiekracht van zowel de agrarische ondernemers als van andere ketenpartijen, liet minister Carola Schouten (LNV) maandag weten op een bijeenkomst bij Vereecken Fruit in Dronten.  "We hebben elkaar allemaal nodig om de land- en tuinbouw toekomstbestendig te houden en in balans met natuur, milieu en onze leefomgeving. Die opgave is niet te onderschatten, maar als alle betrokken partijen stappen blijven zetten, kunnen we samen een heel eind komen."

LTO Nederland is één van de organisaties die zich achter het uitvoeringsprogramma heeft geschaard. "Het wordt voor agrarisch ondernemers steeds moeilijker om een gezond en rendabel gewas te telen, door onder andere een afnemend middelenpakket en toename van milieu- en markteisen. Hoewel we als sector al flink investeren in weerbare teeltsystemen, zijn we blij dat er met het uitvoeringsprogramma nu een brede verantwoordelijkheid ligt om de stip op de horizon te bereiken",  zegt Joris Baecke, portefeuillehouder Gezonde Planten bij LTO, in een verklaring.

Naast LTO Nederland doen ook Agrodis, Artemis, CTGB, Cumela, Fedecom, Natuur en Milieu, Nefyto, NVWA, Plantum, Unie van Waterschappen, Vewin, het ministerie van LNV en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat aan het uitvoeringsprogramma mee. 

Het gehele rapport is hier te bekijken.