Login deelnemers

Nieuws

'Risico stapelen gevaarlijke stoffen onderbelicht'

De overheid moet meer greep krijgen op gevaarlijke stoffen, zoals PFAS en gewasbeschermingsmiddelen. Dat zegt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) in een advies aan minister Van Veldhoven voor Wonen en Milieu.

In het adviesrapport ‘Greep op gevaarlijke stoffen’, dat woensdag 11 maart werd aangeboden, stelt Rli dat het aantal gevaarlijke stoffen en het gebruik ervan toenemen. Hetzelfde geldt voor het hergebruik van producten waarin gevaarlijke stoffen zijn verwerkt. Daarmee stagneert de ontwikkeling van afgelopen tientallen jaren waarmee minder gevaarlijke stoffen in de leefomgeving terecht kwamen.

Beleid niet toereikend
Volgens Rli is het huidige beleid voor gevaarlijke stoffen niet toereikend om de risico’s voor mens en milieu voldoende te beheersen. Nieuw beleid zou noodzakelijk zijn. ‘Stoffen stapelen zich op in de leefomgeving, wat nieuwe risico’s geeft en ook tot incidenten leidt.’ Naast PFAS en gewasbeschermingsmiddelen, zijn microplastics en medicijnresten daar voorbeelden van.

Om toenemende risico’s te voorkomen is meer kennis nodig over de mate waarin stoffen in de leefomgeving terechtkomen, zo stelt Rli. De raad beveelt het kabinet aan om bedrijven te verplichten de route van gevaarlijke stoffen tijdens hun hele levenscyclus bij te houden met een zogenaamd track & tracesysteem. Daarnaast moet extra geld worden uitgetrokken voor versterking van de beleidscapaciteit en de kennis bij overheden om de beleidsuitvoering, de handhaving en het toezicht te verbeteren.

Gelijktijdige blootstelling
Rli vindt dat er veel meer aandacht moet komen voor de risico’s van stoffen die elk afzonderlijk wellicht geen probleem vormen, maar tezamen een schadelijke uitwerking kunnen hebben. De raad adviseert om bij het stellen van nationale milieunormen rekening te houden met het effect van deze gelijktijdige blootstelling. Dit kan ook voor specifieke gebieden noodzakelijk zijn. De rijksoverheid zal gemeenten en provincies hierbij moeten ondersteunen.

Tot slot leidt de overgang naar een circulaire economie tot nieuwe uitdagingen. De raad roept het kabinet op om in Europees verband te pleiten voor de regels die veiligstellen dat het hergebruik onderdeel wordt van de risicobeoordeling van stoffen. Ook moet bekend zijn welke stoffen er precies in welke producten zitten. Daarom moet onderzocht worden of het mogelijk is in internationaal verband een materiaalpaspoort voor de chemische samenstelling van producten in te voeren.