Login deelnemers

Nieuws

Vervuilt de boer of de burger het water?

Uit waterkwaliteitsmetingen van de waterschappen blijkt dat de normoverschrijdingen van chemische middelen lang niet altijd een landbouwachtergrond hebben. Dat blijkt ook uit een analyse rond de lelieteelt in Drenthe.

Uit de meetresultaten van het waterschap Drents Overijsselse Delta blijkt dat op 12 van de 25 meetlocaties normoverschrijdingen van biociden of gewasbeschermingsmiddelen zijn waargenomen. De Kamerleden Helma Lodders en Erik Ziengs (VVD) attendeerden in vragen aan minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit), dat het grootste deel van deze normoverschrijdingen afkomstig zijn van consumentenmiddelen.

Schouten meldt dat inderdaad in veel van de gevallen sprake is van middelen die voor de consument zijn toegestaan, maar dat het ook om middelen gaat die voor professioneel gebruik ingezet worden. Volgens de minister is het daardoor niet vast te stellen of de meeste verontreiniging van de consument afkomstig is.

Door consumenten gebruikte stoffen
De 2 Kamerleden stelden echter ook vragen over een normoverschrijding van 65 keer van de stof permethrin. Deze stof mag al langer niet gebruikt worden in de landbouw, maar zit wel in diverse consumentenmiddelen (zoals antihoutworm- en antivlooienmiddel). Hieruit concluderen Ziengs en Lodders dat de overschrijding in dit geval enkel van consumenten afkomstig kan zijn.

Ze stippen daarbij aan dat de stof imidacloprid voor consumenten nog gebruikt mag worden (bijvoorbeeld in mierenlokdoosjes), maar door de boeren niet meer. Volgens de minister speelt onder andere de verwachte omvang van het gebruik mee in de beoordeling van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb), waardoor een gedeeltelijke toelating mogelijk is. Schouten kiest ervoor geen direct schuldige aan te wijze, maar de oorzaak in het midden te laten.

Discussie over lelievelden
Ook in een andere situatie speelt de discussie over niet-professioneel gebruik van middelen. Bij het burgerinitiatief 'Meten=weten' werden 57 middelen gevonden in de buurt van lelievelden. Terwijl er al met het vingertje gewezen werd naar de lelietelers bleek later dat slechts 18 van deze stoffen afkomstig waren van de lelieteelt. Bovendien bleek dat veel van de stoffen in recente jaren niet meer zijn toegepast door de sector. De rest is afkomstig van middelen die gebruikt zijn in andere landbouwgewassen of door consumenten.

Het is dus zeker niet altijd zo dat de landbouwsector de vervuiler is, want de burger doet ook mee. Naar aanleiding van de vragen van Lodders en Ziengs heeft het landbouwministerie het RIVM de opdracht gegeven te onderzoeken of sinds 2014 meer gewasbeschermingsmiddelen verkocht zijn aan consumenten. Cijfers over het gebruik van consumenten zijn namelijk niet voor handen; als die er zijn wordt wellicht duidelijker wat de invloed van consumenten is.